Organic white eggs and one brown in carton crate

Waarom komt ‘geld’ zo veel voor in onze uitdrukkingen?

Het Nederlands is een rijke taal vol spreekwoorden en uitdrukkingen. Geld en goed is daarbij een veelvoorkomend thema. Zo moet geld rollen en verdienen sommigen geld als water. De betekenis van veel spreekwoorden is in veel gevallen direct duidelijk. Minder helder is de oorsprong ervan. Tijd om enkele bekende spreekwoorden over geld te ontleden.

Spreekwoorden en uitdrukkingen zijn altijd verbonden aan een bepaald tijdperk en locatie. Zo hadden mensen vroeger de hand letterlijk op hun knip. Geld als water verdienen is bijvoorbeeld in Nederland begrijpelijk, maar zegt weinig in een land met een woestijnlandschap. Ook de onderstaande voorbeelden hebben allen een oorsprong in het verleden, tot aan het Romeinse rijk toe.

Geld over de balk smijten

Dit betekent te veel geld uitgeven aan dingen die eigenlijk niet eens echt nodig zijn. Het spreekwoord stamt uit het boerenleven. De oorspronkelijke versie was ‘het niet over de balk gooien’. In een stal werden de paarden gevoerd door hooi over een balk de ruif in te gooien. Als dit niet secuur werd gedaan, lag er te veel hooi en vloog het alle kanten op. In de meer moderne variant is deze vorm van verspilling gekoppeld aan het uitgeven van geld.

Eieren voor je geld kiezen

Wie eieren voor zijn geld kiest, gaat niet voor het hoogst haalbare. De persoon in kwestie stelt zijn doel bij en neemt genoegen met iets dat wel realistisch is. Dit is terug te voeren naar het vroegere boerenleven. Eieren zag men als iets van weinig waarde. Wanneer geld niet beschikbaar was als betaalmiddel, kon je altijd nog kiezen voor eieren. Bijvoorbeeld in de 16e eeuw was het ei in Friesland een echt betaalmiddel. Dit omdat er letterlijk een gebrek aan munten was.

Geld stinkt niet

Hier gaat het om de Latijnse uitdrukking ‘Pecunia non olet’. Er wordt mee gesuggereerd dat het bij geld niet uitmaakt of het al dan niet op een eerlijke manier is verkregen. De herkomst dateert uit de tijd van het Romeinse Rijk. Keizer Vespasianus (keizer van juli 69 tot 23 juni 79) voerde een voorloper op de rioolbelasting in.

De belasting werd niet door iedereen enthousiast ontvangen. Volgens de overleveringen pareerde de keizer kritiek door te stellen dat er geen luchtje aan het geld zal, ook al was het riool de basis ervan.

Een smak geld

Contant geld verdwijnt door internet en technologie steeds meer uit het straatbeeld. Vroeger was het, los van ruilhandel, de enige betaalmogelijkheid. Een smak geld staat voor veel geld. Het woord ‘smak’ verwijst naar gooien of werpen. Wat betreft de herkomst kan gedacht worden aan een zak met munten. Des te groter de hoeveelheid, des meer impact had het gooien ervan.

Geen geld, geen Zwitsers

Zonder een betaling in de vorm van geld krijg je geen producten of diensten. Voor de herkomst van de uitdrukking gaan we terug naar het jaar 1521. De Franse koning Frans l moest Milaan verdedigen tegen de belegering van keizer Karel de vijfde. Hij had daarbij de hulp van een Zwitsers huurleger ingeschakeld. Op een gegeven moment was er echter geen geld meer om de huurlingen te betalen. ‘Geen geld, geen Zwitsers’, was daarop het antwoord van de Zwitserse delegatie.